
Plakpoep… Alleen het woord bezorgt veel konijnverzorgers al stress. Toch is het een probleem dat ik bijna wekelijks zie in mijn praktijk. En hoewel het erg vaak voorkomt, bestaan er nog steeds heel wat misverstanden over.
Plakpoep is namelijk veel meer dan “een vieze achterkant”. Het zorgt niet alleen voor frustratie bij de eigenaar, maar heeft ook een grote impact op het welzijn van het konijn. De vacht en leefomgeving worden vuil, het heeft een onaangename geur en het kan zelfs leiden tot huidinfecties of madenziekte.
Het goede nieuws? Plakpoep is vaak te voorkomen en te genezen. Tenminste als je de echte oorzaak kent. In deze blog leg ik uit wat plakpoep precies is, waarom het ontstaat en hoe je jouw konijn weer aan gezonde keutels helpt.
Wat is plakpoep?
Plakpoep is een term die vaak gebruikt wordt voor konijnen met een vieze achterkant door ontlasting. Daarbij is het belangrijk om een onderscheid te maken tussen plakpoep en diarree. Een konijn met acute, waterige diarree moet altijd zo snel mogelijk door een dierenarts onderzocht worden.
Bij plakpoep gaat het meestal om zachte, kleverige ontlasting. Vaak ontstaat dit doordat er iets misloopt met de blindedarmkeutels: het konijn eet ze niet op. Vervolgens gaat het konijn er met zijn achterwerk of pootjes in zitten, waardoor de ontlasting in de vacht blijft kleven.
Plakpoep hoeft niet dagelijks aanwezig te zijn. Sommige konijnen hebben slechts af en toe eens een plakpoepje, bijvoorbeeld één keer per maand. Dat is meestal geen reden tot paniek. Mogelijk produceerde het konijn op dat moment wat meer blindedarmkeutels dan nodig, bijvoorbeeld door erg rijke voeding, of heeft het iets gegeten waardoor de blindedarmkeutels minder aantrekkelijk werden om op te eten. Wanneer plakpoep echter regelmatig voorkomt, bijvoorbeeld wekelijks of vaker, wijst dit vaak op een probleem met de voeding of spijsvertering. In dat geval is het verstandig om de oorzaak tijdig te onderzoeken, zodat ernstigere gezondheidsproblemen voorkomen kunnen worden.

Blindedarmkeutels
Blindedarmkeutels zijn het product van de ontzettend efficiënte spijsvertering van konijnen. Ze worden gevormd uit vezels in de blindedarm, waar bacteriën vezels fermenteren en voedingsstoffen zoals vitaminen, aminozuren en vetzuren produceren. Dat is bijzonder belangrijk, want konijnen eten van nature een voeding die voornamelijk uit vezelrijk en moeilijk verteerbaar plantenmateriaal bestaat. Dankzij deze fermentatie kunnen ze toch energie en voedingsstoffen halen uit voedsel dat anders weinig bruikbare energie zou opleveren. Konijnen eten de blindedarmkeutels normaal rechtstreeks van hun anus op, zodat ze deze waardevolle voedingsstoffen opnieuw kunnen opnemen. Maar als blindedarmkeutels zo belangrijk zijn, waarom eten sommige konijnen ze dan niet op? Dit brengt ons tot de mogelijke oorzaken van plakpoep.

Mogelijke oorzaken en hun samenhang
Nogmaals, we hebben het in deze blog over plakpoep en niet over diarree. Bij acute diarree of stoelgangwijziging, bezoek een dierenarts.
In theorie zijn er misschien wel 100 mogelijke oorzaken van plakpoep. Maar als je het mij vraagt, kan je die terugbrengen naar volgende twee:
En vaak hangen beide oorzaken nauw met elkaar samen.
Een konijn kan weigeren om zijn blindedarmkeutels te eten wanneer deze een afwijkende geur, smaak of consistentie hebben. Dat kan bijvoorbeeld gebeuren tijdens medicatiegebruik, zoals antibiotica, maar in de praktijk zie ik meestal een andere oorzaak: een voeding die uit balans is. Daarbij speelt zetmeel vaak een grote rol.
Het spijsverteringsstelsel van konijnen is ontworpen voor een vezelrijke voeding. Voor een gezonde darmwerking is een evenwicht nodig tussen vezels en zetmeel, waarbij vezels duidelijk de bovenhand moeten hebben. We spreken idealiter over een verhouding van minstens 1 deel zetmeel op 3 delen vezels. Bij sommige rassen, zoals de Nederlandse hangoor, ligt de ideale verhouding zelfs dichter bij 1 op 5. Dat betekent dus dat een konijn minimaal drie tot vijf keer meer vezels dan zetmeel zou moeten opnemen. En daar loopt het vaak mis. Veel konijnen krijgen een zetmeelrijke brok (en snoepjes) terwijl ze onvoldoende hooi eten. Een te hoge zetmeelinname beïnvloedt het darmmilieu op verschillende manieren.
Ten eerste verandert zetmeel de zuurgraad van het maagdarmstelsel. Daarnaast vormt het een uitstekende voedingsbron voor bepaalde opportunistische of potentieel pathogene bacteriën die van nature aanwezig zijn in de darm. Wanneer het darmmilieu gunstiger wordt voor deze bacteriën, kunnen ze zich sterk vermenigvuldigen. Tegelijk krijgen de nuttige fermentatiebacteriën, die verantwoordelijk zijn voor de verwerking van vezels en de vorming van gezonde blindedarmkeutels, het moeilijker.
Het gevolg is een verschuiving in de darmflora, ook wel dysbiose genoemd.
En die verschuiving heeft rechtstreeks invloed op de blindedarmkeutels. Hun samenstelling, geur en smaak veranderen, waardoor het konijn ze instinctief minder aantrekkelijk vindt om op te eten.
Daarnaast is zetmeel ook een energierijke voedingsstof. Wanneer een konijn langdurig meer energie binnenkrijgt dan nodig, kan overgewicht ontstaan. Sommige konijnen geraken daardoor letterlijk moeilijker aan hun anus om blindedarmkeutels op te eten. Daarnaast lijkt een konijn dat voldoende snel beschikbare energie uit de voeding haalt, soms minder gemotiveerd om nog extra voedingsstoffen op te nemen via de blindedarmkeutels.
Begrijp me niet verkeerd: zetmeel is op zich geen ongezonde voedingsstof. Het levert energie en speelt een rol in de glucosehuishouding van het konijn. Het probleem ontstaat pas wanneer de balans verloren gaat. In onze huidige voedingscultuur krijgen veel konijnen simpelweg te veel zetmeel en te weinig vezels, waardoor het steeds moeilijker wordt om een gezonde darmflora en stabiele spijsvertering te behouden.

Door de samenhang kunnen we deze oorzaken weer reduceren naar:

Graanvrij voeren, dé oplossing?
Graanvrij voeren is vandaag erg populair in konijnenland. Heel wat voedingsmerken spelen daarop in en brengen korrels met een graanvrij label op de markt. Maar betekent dit ook dat granen de oorzaak zijn van plakpoep bij konijnen?
Kort gezegd: nee. Maar ik begrijp waar de verwarring vandaan komt.
Kijk, het zou zomaar kunnen dat je konijn glutenintolerant* is, maar ik kan je vertellen dat dit ondanks wel mogelijk, zelden het geval is. Waar het spijsverteringsstelsel van konijnen wél gevoelig voor is, is een te hoge hoeveelheid zetmeel, en laat dat nu net een belangrijk bestanddeel van veel granen zijn.
Zoals we eerder bespraken, draait een gezonde spijsvertering om de juiste balans tussen vezels en zetmeel, waarbij vezels duidelijk de bovenhand moeten hebben. Wanneer de voeding te rijk is aan zetmeel, kan dit de darmflora verstoren en plakpoep veroorzaken. Een graanvrij label wil dus niet meteen zeggen dat ook de hoeveelheid zetmeel in de voeding lager is! Wees je hiervan bewust, zeker wanneer je merkt dat er geen verbetering optreedt.

*Gluten is een verzamelnaam voor bepaalde eiwitten die van nature voorkomen in granen. Bij een intolerantie reageert het lichaam negatief op deze stoffen.
Vers groen schrappen dan?
Nog een veelgebruikte suggestie om plakpoep te verhelpen, is vers groen schrappen uit het (dagelijkse) menu van konijnen. Toch wil ik aanraden om hier voorzichtig mee om te gaan.
Er is namelijk geen bewijs dat vers groen op zichzelf afwijkende ontlasting veroorzaakt. Wat wel kan gebeuren, is dat een konijn reageert op voeding die het nog nooit eerder heeft gekregen. De darmflora past zich aan aan wat een konijn regelmatig eet. Wanneer je plots grote hoeveelheden nieuwe of verschillende groenten introduceert, kan dit inderdaad voor spijsverteringsproblemen zorgen.
Echter heeft vers groen ook belangrijke voordelen. Niet alle konijnen drinken even goed. Ik zie best veel konijnen in de praktijk die veel te weinig water drinken. Vers groen bevat hoge hoeveelheden water en is een natuurlijke manier van vochtopname voor het konijn. Wanneer vers groen plots volledig uit het dieet wordt geschrapt, kan de totale vochtinname dalen. Daardoor kunnen bijkomende problemen ontstaan, zoals blaasgruis. Dit zie ik helaas regelmatig in de praktijk. Bij onvoldoende vocht wordt het aanwezige ‘zand’ of bezinksel in de blaas minder goed uitgespoeld, waardoor irritatie en blaasontstekingen kunnen ontstaan.


Welke oplossingen werken dan wel?
Daarvoor kijken we even terug naar de meest voorkomende oorzaken van plakpoep, namelijk de voedingsbalans. In eerste instantie is het belangrijk om de zetmeel-vezelverhouding weer op punt te stellen. Hiervoor kijk je naar 2 zaken:
Zetmeel: het type brok, de hoeveelheid die je geeft én zetmeelrijke snacks
Vezel: Eet het konijn goed hooi? Krijgt het konijn vers groen? Kruiden?

In de praktijk is het vaak zo dat het konijn gewoonweg geen hooi wil eten. Het is dan voldoende dat ik het konijn een hooitype voorschotel dat ze aantrekkelijk vinden. Om die reden heb ik Nature’s secret hooi ontworpen: kwalitatief en verrijkend hooi die de meeste ‘slechte hooieters’ wél lekker vinden.
Ook kruiden zitten boordevol vezels. Daarom kan bijvoorbeeld ook de EnergyMix of BasicMix waardevol zijn om in te zetten, naast goed hooi natuurlijk.
Zorg er daarnaast voor dat het konijn niet te veel brokken krijgt. Zit je hoeveelheid wel goed? Dan is er meestal sprake van een te zetmeelrijke brok in verhouding met het aantal vezels dat je konijn eet.
De zetmeel-vezelverhouding weer in balans krijgen is dus de eerste, belangrijke stap. Maar het kan wel enige tijd duren voordat de spijsvertering van het konijn weer op orde is. De darmflora is namelijk verstoord. Daarom is het waardevol dat we de spijsvertering van het konijn een handje helpen.
Om die reden heb ik CuniBioom ontwikkeld. Een vezelrijk, natuurlijk prebioticum boordevol voedingsstoffen voor de goede darmbacteriën. Met behulp van CuniBioom maken we het leefmilieu voor de goede bacteriën in de darm weer optimaal. Dit komt niet alleen de spijsvertering, maar ook het immuunsysteem van het konijn ten goede.
De passage van voeding in de darmen van konijnen duurt gemiddeld zo’n 30 uur. Daarom houd ik zelf de 48-uur-regel aan: na 48 uur na de eerste CuniBioom-toediening zien we al resultaat. Wel is het belangrijk om de CuniBioom zo’n 7-10 dagen te blijven geven.
Concreet stappenplan

Kom je er zelf niet uit?
Konijnen zijn individuen die praktisch niet te veralgemenen zijn. Vaak is een voeding op maat van jouw konijn nodig om de beste resultaten te behalen. Ik ben er om te helpen.

Geschreven door Meggie van Peer
Biotechnoloog / Oprichter The Pet Expert
Deze blog wordt mede mogelijk gemaakt door Chews&Nibbles.
Dé kennisbank voor konijnen en knaagdieren.